Vleesetende planten zijn planten die naast voedingsstoffen uit de grond ook kleine dieren
(meestal insecten of spinnen) vangen en verteren. Men vindt ze meestal in gebieden met
een stikstofarme bodem, zoals moerassen.
De planten komen overal ter wereld voor, maar zijn tegenwoordig
zeldzaam geworden door het verdwijnend habitat: het ven.
Men zegt dat echte vleesetende planten geëvolueerd zijn
in ten minste 10 gescheiden afstammingen. Deze zijn nu vertegenwoordigd door meerdere geslachten
in 5 families. Ze beschikken over
630 soorten die hun prooi
lokken, vangen en verteren.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
De Venus vliegenvanger Een klapval bestaat uit
twee bladhelften die
snel kunnen dichtklappen. Binnenin zitten per blad
3 tot 9 voelhaartjes. Als een haartje in
korte tijd meerdere malen wordt aangeraakt, neemt het klapmechanisme aan dat er een dier tussen zit en klapt dicht. Regendruppels en windvlagen gaan
te langzaam en "werken" dus niet. Tussen de dichtgeklapte bladeren komt een
afscheiding vrij die het insect verteert. De enige planten die van dit principe gebruikmaken zijn de Venusvliegenvanger (Dionaea muscipula) en Aldrovanda vesiculosa. De planten kunnen dichtklappen in
0,5 tot 30 seconden, dat is verschillend per plant.
Die da ge op de foto ziet,, is van mij.
En as ge goe na de foto kijkt,, dan ziede da hij een mug te pakke heeft.